Christie Quarton

Mijn hart ligt op Bonaire

Al vrij jong moest Christie Quarton van Bonaire weg. Haar moeder komt uit Rincon, haar vader, Sigfried, komt uit Curaçao. En omdat er indertijd op Bonaire geen VWO-opleiding was, moest Christie daar al op jonge leeftijd naar toe. Nadat ze VWO had gehaald ging Christie naar de Verenigde Staten om Business Administration en Marketing te studeren.

Ze vertelt dat haar ouders grote offers hebben gebracht om haar in de VS te laten studeren. Die studie was duur, en er was toen nog geen studiefinanciering voor de VS. Maar haar ouders ondersteunden haar, en ze had een particuliere sponsor in Sabadeco die jaarlijks een bedrag stuurde.

In de VS  deed ze ook een aantal jaren werkervaring op. En dat is te merken: niet alleen aan haar Amerikaanse accent, maar ook aan haar optreden. De 26 jarige Christie is als een wervelwind die over je heen raast.

Christie is ambitieus, ze weet dat Bonaire uiteindelijk te klein is voor haar ambities. Maar haar hart ligt op Bonaire en vorig jaar kwam ze terug: “Ik wilde graag terugkomen, omdat je in een ander land toch een stukje van jezelf kwijtraakt.” Haar ouders boden haar aan om een maand of wat naar Bonaire te komen om te bedenken wat ze zou gaan doen.

Ze zocht op de vacaturesite van Ban Boneiru Bèk naar een baan, maar vond haar huidige job bij Digicel via uitzendbureau Tempo. Ze kon gelijk beginnen. Ze moest alleen nog even ingeschreven worden op Bonaire. Dat viel niet mee, zelfs voor iemand die hier geboren is blijkt het in de praktijk moeilijk om zich in te schrijven. Gewapend met alle papieren ging ze naar bevolking, met de verwachting dat het binnen vijf minuten klaar zou zijn. “Ze wilden me niet terughebben!” vertelt ze, nog steeds verontwaardigd. “Ik had alle papieren, maar ze wilden me niet inschrijven. Ik moest bewijzen dat ik niet getrouwd was en een bewijs van uitschrijving laten zien, maar dat krijg je niet in de States. Ik werd als een vreemdeling behandeld! Ik ben er nog steeds boos om.”

Christie had al haar overtuigingskracht nodig om iemand te spreken te krijgen die begreep dat het in Amerika anders werkt dan in Nederland. Dat lukte uiteindelijke een week later. Voor iemand die gewend is aan de ambtelijke procedures op Bonaire lijkt dat snel, maar wervelwind Christie had er geen tijd voor. Toen een gedeputeerde haar bij een ontmoeting zei: “We hebben meer mensen nodig die terugkomen, zoals jij.” reageerde ze met: “Je krijgt niemand terug als je het zo moeilijk maakt om terug te komen!”

En dat was nog maar de eerste hobbel die Christie moest overwinnen. “Er is veel weerstand als je binnenkomt.” vertelt ze. “Veel mensen zijn een beetje vastgeroest in oude gewoonten, en als je dan van buiten komt, met nieuwe ideeën, met andere kennis van zaken, dan voelen mensen zich bedreigd. Wij remigranten willen Bonaire helpen om op een hoger niveau te komen. Op alle gebieden, ecologisch, sociaal, technisch, op een samenhangende manier met oog voor het geheel. En dan zeggen de mensen: “Je bent hier niet in Amerika schat!” Dan zeg ik, de laatste keer dat ik het nakeek kwam ik hier vandaan hoor! Ik heb alleen andere ervaringen, maar ik kom echt hier vandaan!”

Christie moest er aan wennen dat er niets puur zakelijk kan zijn op Bonaire. Alles wordt in het persoonlijke vlak getrokken. Daaruit ontstaan misverstanden en dat houdt een goede ontwikkeling vaak tegen. Zoals veel remigranten is Christie er aan gewend geraakt om zakelijke verschillen van inzicht te scheiden van persoonlijke. “Als de mensen hier meer onderscheid kunnen maken wat zakelijk goed is voor Bonaire en zich niet altijd weer persoonlijk voelen aangesproken is er al heel wat gewonnen. Als je alles wat er gebeurt als persoonlijk tegen jou gericht beschouwd, en de ander doet dat ook, dan heeft iedereen aan het einde van de dag een hekel aan elkaar.”

Wat Christie op het eiland heeft geleerd is volharding. “Er is veel weerstand tegen vernieuwingen maar je moet volhouden.” zegt ze. Remigranten zoals Christie, komen niet terug voor het geld. Ze kunnen ergens anders drie, vier keer zoveel verdienen als hier. Maar hun hart ligt op Bonaire en ze willen het volk vooruit helpen. Daar zouden wij hier dankbaar gebruik van moeten maken. Onze politieke en zakelijke leiders lijken zich niet te realiseren wat deze remigranten moeten opofferen om hier aan de slag te gaan.

“Het zou Bonaire helpen als de overheid een leidende rol neemt en positieve invloed uitoefent. Wees niet negatief, wees positief!. Laat merken dat mensen met een goede opleiding en met werkervaring welkom zijn. Help ze om terug te komen. Help ze om weer in de samenleving te acclimatiseren en zet bijvoorbeeld een programma op om remigranten snel aan een huis te helpen.” is haar advies aan de politieke leiders.

Nu ze wat langer op Bonaire terug is, heeft Christie weer contacten met mensen van vroeger. Ze praat met oude mensen die nooit de kans hebben gekregen om een goede opleiding te volgen. Die verbazen zich dat iemand als zij met hen komt praten over hun levenservaringen. Maar Christie is iemand zonder kapsones. “Je hebt geen idee wat ik allemaal gedaan heb. Ik zeg altijd, als je terug wilt komen naar het eiland moet je bescheiden zijn. Als je moet beginnen met vloeren moppen, doe het dan. Ik bewijs mezelf in mijn werk. Ik kom hier niet omdat ik een baan krijg op mijn niveau. Je moet gewoon doen wat je moet doen, contact houden met de gewone mensen en dan wordt je gewaardeerd. Ik ben mentor van een groep kinderen. Als die mijn verhaal horen willen ze ook naar de States. Ze horen dan van hun omgeving dat het niet kan. Onzin, zeg ik dan. Laat nooit iemand je vertellen dat iets niet kan. Je kunt overal gaan als je het echt wilt.”

Op mijn vraag wat ze zou willen veranderen op Bonaire, zegt ze: “De mensen voelen zich niet verbonden met de overheid en veel mensen zijn verkeerd geïnformeerd. Mensen krijgen het slechter in deze woelige tijden en geven de Hollanders de schuld. Ik zie veel boosheid onder de mensen en racisme steekt de kop op. Het zijn nu nog uitzonderingen, maar dit gebeurde vroeger niet. Ik maak me hier erg ongerust over. Ik zou RCN aanraden om een heel goede marketing medewerker aan te trekken. Geen voorlichter, het gaat om marketing. Het liefst een remigrant van hier, om contact met de bevolking te maken. Om het eiland verder te helpen moet de kloof overbrugd worden, en ik denk dat RCN het initiatief moet nemen. Zij hebben er de middelen voor.

Christie woont weer bij haar ouders. “Als je al zo lang alleen hebt gewoond heb je geen idee hoe anders het is om weer bij ze te wonen. Zij zijn bijna gepensioneerd, ik sta nog vol in het leven. Maar ik hou van ze en we zijn er samen uitgekomen. Het is heel cool om je ouders op deze manier mee te maken. Ik weet niet hoe lang ze er nog zijn, dus zuig ik deze ervaring op.”

Ze ziet de positieve kant, maar als Christie een betaalbare woning zou vinden in een redelijke buurt, zou ze op zichzelf gaan wonen. Nu kan ze goed sparen. Volgend jaar wil ze naar Engeland verhuizen om daar verder te studeren. Vervolgens wil ze nog een tijd in ontwikkelingslanden werken om daarna weer naar Bonaire terug te keren. Ze zou tussentijds ook graag terugkomen om hier te investeren, maar dan moet dat wel wat makkelijker gaan dan deze keer. Ze komt alleen als ze zich welkom voelt. Aan de mensen zal het niet liggen. “De warmte van de mensen hier, dat is echt uniek in de wereld.”